Snickerblokjes… Maar dan zonder Snickers :-)

Soms maak ik iets waarvan ik eigenlijk niet goed weet hoe het zal uitdraaien. En meestal plan ik zo’n experimenten dan als er veel volk komt… Je leest het al, een ideale combinatie om mijn stressniveau tot het uiterste te testen. Zo ook dus bij deze Snickerblokjes. Eigenlijk was het niet de bedoeling dat het blokjes waren, noch van gebaseerd te zijn op Snickers. Er zitten überhaupt geen Snickers in! Maar mijn man met baard vond dat de smaak daarop leek dus… vandaar hé 🙂

Ik maakte deze blokjes voor de eerste keer op oudejaarsavond, wat eigenlijk geen goed idee was. Eerst en vooral omdat we na een avond veel te lekkere en veel te veel hapjes stampvol zaten en … Deze kanjers vallen niet licht op de maag (maar dat had je toch al wel door hé?). En ik had de blokken te groot gesneden, waardoor ze nogal indrukwekkend en grotesk naast de rest lag…

Na het niet zo’n succes op Oudejaar dacht ik dat ik het wel kon vergeten met dit receptje, tot mijn man met baard de blokjes kleiner sneed en ze presenteerde bij de koffie… En wauw, wat paste dat plots zoveel beter dan zo’n grote homp chocolade! Size does matter voor deze Snickerblokjes, en less is more!

Voor diegene die moeite hebben om zich in te beelden hoe een Snickerblokje zonder Snickers smaakt: doe even de ogen dicht en volg mee. Je zet je tanden in een blokje en smaakt eerst de karamelachtige, krokante bodem met een vleugje zout. Daarboven zit een heerlijk fudge-achtige chocoladelaag, afgewerkt met krispy krokante chocoladekorstje dat kraakt in je mond… Do I need to say more?!?!

Zoals gewoon baseerde ik mij weer op een receptje van Pinterest, maar vervlaamste ik het (ik heb geen meetmaatjes in cup en dergelijke, vandaar de omrekening). Ik gebruikte ook mijn grootste rechthoekige bakvorm die ik had, ik denk dat deze 30 op 40 cm meet. Maar op zich maakt het niet zoveel uit. Is je vorm kleiner, dan zijn je laagjes dikker. Is je vorm groter, dan zijn je laagjes dunner. Maakt niet veel uit, het blijft even lekker 🙂

Ingrediënten voor de bodem

  • 130 gram gewone bloem
  • 160 gram boter
  • 120 gram lichtbruine suiker
  • 1 theelepel bicarbonaat (ik kocht dit in de Colruyt)
  • snuifje zout
  • 70 gram gepofte rijst (Rice Krispies)

Ingrediënten voor de vulling

  • 240 gram boter
  • 2 blikken gezoete gecondenseerde melk
  • 90 gram lichtbruine suiker
  • 90 gram donkerbruine suiker
  • een beetje donkere chocolade (in nam een handjevol galetjes, maar je kan ook 1 of 2 repen nemen). Best wel donkere chocolade, anders wordt het echt te zoet.

Ingrediënten voor de krokante laag bovenaan

  • 160 gram donkere chocolade
  • 70 gram gepofte rijst (Rice Krispies)

Werkwijze

  1. Verwarm de oven voor op 180 graden Celsius.
  2. Begin met de bodem (logisch, haha!). Meng de bloem, bicarbonaat en zout in een kom. Smelt de boter en roer er alle suiker door. Meng dit met het bloemmengsel tot een homogene massa. Spatel de gepofte rijst hieronder.
  3. Bekleed je bakblik met een laagje bakpapier en druk er de bodem in (je mag en kan je vingers hiervoor gebruiken). Bak je bodem gedurende 15 minuten.
  4. Nadat je bodem afgebakken is, heb je de oven niet meer nodig en mag je deze afleggen. Terwijl de bodem wat afkoelt, kan jij beginnen aan je vulling.
  5. Weeg alle ingrediënten voor de vulling af in een kookpot. Smelt alles op een laag vuurtje tot een homogene massa (tip: blijf regelmatig roeren, anders heb je straks verschrikkelijk veel werk bij de afwas…). Wanneer het mengsel kookt, laat je het nog 5 minuten zachtjes doorkoken terwijl je blijft roeren. Giet daarna de vulling over de bodem en laat opstijven.
  6. Voor de krokante toplaag smelt je eenvoudigweg de chocolade en meng je er de resterende gepofte rijst onder. Druk nu (en dit mag opnieuw met je vingers) de massa op de vulling en laat opnieuw opstijven.
  7. Ga met een mes rond de randen van je bakblik vooraleer je de grote Snickerblok er uit draait of heft. Snij het in kleine blokjes met een groot mes (ik gebruikte een gekarteld broodmes) en presenteer ze bij de koffie. Smakelijk!

 

Advertenties

Appelcake met een vleugje citroen…

Zoals je misschien al gemerkt hebt hou ik van chocoladetaarten, bij voorkeur als ze rijk en vol van smaak zijn. Maar naast chocolade hou ik ook van lekkere frisse en gebakjes. Ik vind het een aangename afwisseling om deze ook op tafel te zetten, naast de extravagante chocoladetaarten. Als je dan net niet meer de ruimte in je buik hebt voor een stukje chocoladetaart, dan wel voor een stukje fruittaart 🙂 Je merkt dat ik makkelijk reden vindt om meer taart te eten!

Het leuke aan deze cake is dat ze niet complex of moeilijk is, of met veel tierlantijntjes of zo. Het is een appelcakeje. Lekker bij de koffie, of lauw in combinatie met een bolletje vanille-ijs… Heerlijk! En de ideale manier om die verschrompelde appels uit de fruitschaal (die toch niemand meer wil) te verwerken.

Als je je appelcake een wat meer frisse toets wil geven, kan je deze combineren met citroen. Ik deed de zeste in het deeg, en maakte een frisse citroensiroop om er over te sprenkelen. Onmiddellijk ook de beste manier om ervoor te zorgen dat je cake niet droog smaakt maar lekker ‘nes’ is (West-Vlaams voor ‘cake die niet echt meer nat is maar toch nog lekker vochtig’). Ik gebruikte een receptje uit het boek ‘Appeltaart’ van Janneke Phillipi en paste het uiteraard weer een beetje aan (want wat je zelf doet…).

Ingrediënten

  • 2 appels en 2 citroenen
  • 225 gram suiker (150 gram voor de cake, en 75 gram voor de citroensiroop)
  • 150 gram boter
  • 3 eieren
  • 150 gram zelfrijzend bakmeel
  • Siliconen ronde bakvorm van 26 tot 28 cm

Werkwijze

  1. Verwarm de oven voor op 180 graden. Smelt in een potje op een laag vuurtje de boter, samen met de 150 gram suiker. Wanneer dit gesmolten is, neem je het van het vuur. Klop nu één voor één de eieren door het mengsel (blijf goed mengen, anders krijg je een zoet omelet… Kan ook lekker zijn hé… Of misschien niet).
  2. Neem de 2 citroenen en rasp de schil over het mengsel. Probeer enkel van de gele schil en niet het witte deel van de schil te raspen. Dat zou naar het schijnt bitter smaken. Spatel op het einde voorzichtig het zelfrijzend bakmeel onder het deeg.
  3. Vet je ronde bakvorm een beetje in met boter of olie en schep het beslag in de vorm.
  4. Schil de appels en snij ze in vieren. Snij ze aan de bolle kant een paar keer in, dat oogt mooi op de taart. Druk ze met de inkepingen naar boven in de taart (je mag deze nog redelijk diep duwen).
  5. Bak de cake in de voorverwarmde oven gedurende ongeveer 35 tot 40 minuten.
  6. Maak ondertussen de citroensiroop. Los in een potje de 75 gram suiker op in 75 gram water. Voeg het sap van de 2 geraspte citroenen toe en roer tot alles opgelost is. En voila, die is al klaar! Laat dit maar op het gemak afkoelen.
  7. Van zodra de cake gebakken is, laat je deze 5 minuten afkoelen in de vorm en haal je deze er dan uit. Neem een borsteltje en strijk de bovenkant van de taart meermaals in met je citroensiroop. Je moet je zeker niet inhouden!

Ik presenteerde de rest van de citroensiroop bij de cake, en iedereen druppelde er nog een beetje van op de cake net voor het eten… Heerlijk!

Kinder Buenotaart… Het smaakt zo lekker als het klinkt!

Onze twee kids hebben het getroffen met hun verjaardag! De jongste verjaart op eind december, de oudste begin januari. Lekker dicht bij elkaar, en altijd in het kerstverlof! Ze mogen mama en papa dankbaar zijn voor hun uitstekende planning!

Nu zijn er wel nadelen aan verjaren in de drukste vakantie van het jaar. Het is moeilijk om aandacht te hebben voor hun verjaardag tussen alle feesten en gelukwensen door. Daarom vinden mijn man met baard en ikzelf het belangrijk om hun verjaardag apart te vieren. Zo staan ze allebei eens in de spotlight en nog belangrijker… Heb ik 2 keer een reden om nieuwe taarten uit te proberen.

Bij de jongste zijn eerste feest maakte ik de frisse kaastaart met frambozen en pistache en rijsttaart. Bij de oudste werd het iets uitdagender. Ik had namelijk het lumineuze idee om hem te vragen wat hij wou. Zucht… ‘Een chocoladetaart’… ‘met aardbeitjes’… ‘en vitamientjes’. Laat het duidelijk zijn: mijn driejarige zoon zegt vitamientjes en bedoelt eigenlijk chocolade. Ja, hij lijkt enorm op z’n moeder 🙂

Dus de Pinterestzoektocht zette zich voort… Maar ik geraakte maar niet geïnspireerd voor een chocoladetaart met aardbeien. Dus besliste ik om de vitaminen te laten winnen, en een chocoladetaart te zoeken. Al snel kwam ik uit bij de Maltesertaart van ‘handmade Helen’. Ik baseerde mij op haar recept, maar verving de Maltesers door Kinder Bueno’s. En wat bleek… Het werd een toppertje van een taart!!! Ze ziet er zwaar uit, maar is lekker luchtig en oogt zeer mooi! Het is een lekkere chocoladebiscuit, bestaande uit 3 laagjes cake, afgewisseld met een lekker lichte Bueno-vulling. Do I need to say more?

Ik liet onze driejarige zoon helpen bij de versiering, wat er voor zorgde dat de helft van de Kinder Bueno’s in z’n mond verdwenen.

Ja mama, ’t zijn toch ‘vitamientjes’ hé… Zucht!

Ingrediënten voor de biscuitimg_2945

  • 7 eieren
  • 135 gram bloem
  • 20 gram cacaopoeder
  • 180 gram kristalsuiker
  • 100 gram gesmolten boter

Ingrediënten voor de vulling

  • 350 ml slagroom
  • 4 eetlepels suiker
  • 100 gram chocoladeschilfers
  • 100 gram Kinder Bueno’s

Versiering voor op de taart

  • 150 gram slagroom
  • 150 gram pure chocolade
  • (Ik had nog een restje ‘bleke’ chocolade, maar je kan het ook vervangen door een beetje witte chocolade. Hier trek je de streepjes mee over de ganache).
  • 4 tot 5 Kinder Bueno’s
  • Chocoladesnoepjes om de zijkant van de taart te versieren

Wat heb je nodig? 

  • Klopper
  • Bakpapier
  • Bakvorm met doorsnede 22 cm (ik gebruik een ronde bakvorm die ik kan aanpassen in doorsnede. Ik kocht deze in de Aveve).
  • Meetlat
  • Tandenstokers

Werkwijze voor de biscuit

  1. Verwarm de oven voor op 180 graden. Splits de eieren en klop de eiwitten met ongeveer de helft van de suiker tot stevige pieken. Je moet de kom omgekeerd boven je hoofd kunnen houden zonder dat de opgeklopte eiwitten op je kruin vallen.
  2. De eierdooiers klop je met de rest van de suiker in een kom boven een waterbad au bain marie. Blijf kloppen (zo niet krijg je een zoet omeletje, niet de bedoeling) tot je een lichtgeel mengsel krijgt met ongeveer de dikte van yoghurt.
  3. Meng het cacaopoeder en de bloem samen. Voeg de helft van dit mengel bij je eierdooiers en meng tot alles goed opgenomen is. Neem nu ongeveer de helft van je opgeklopte eiwitten en spatel er ook door. Voeg opnieuw de rest van het droge bloemmengsel toe en meng. Eindig met de rest van de opgeklopte eiwitten en spatel deze ook in je mengsel. Je eindigt met een luchtig deegje, waar je alleen nog je gesmolten boter moet onder mengen en je bent klaar.
  4. Neem je bakvorm en zorg dat alle kanten bedekt zijn met bakpapier. Zo komt je taart straks makkelijk uit zijn vorm en zijn de zijkanten mooi afgewerkt. Hou er rekening mee dat het nog een beetje zal rijzen. Als alle zijden bedekt zijn met bakpapier, giet je je deeg in de vorm en bak je deze gedurende 40-45 minuten.
  5. Haal de taart uit de oven, en haal deze onmiddellijk uit zijn bakvorm. Verwijder het bakpapier. Zo niet, bestaat de kans dat het midden van je taart inzakt. Laat je taart volledig afkoelen.

Werkwijze voor de vulling

  1. Klop de slagroom samen met de suiker op tot deze stevig is.
  2. Weeg ondertussen 100 gram Kinder Bueno’s af en plet deze fijn. Ik gebruikte hiervoor een pureestamper en een vork. Maar laat je creativiteit vooral de vrije loop, en plet die handel! En eerlijk is eerlijk: ik gebruikte geen ‘echte’ Kinder Bueno’s maar de even lekkere look-a-likes… Shhht, niet doorvertellen hé!
  3. Meng de geplette Kinder Bueno’s en de chocoladeschilfers onder de opgeklopte room.

AfwerkingIMG_2880.jpg

  1. Warm de overige slagroom en pure chocolade in kleine tussenpozen op in de microgolf (in deed dit per 15 seconden). Laat het even afkoelen, zodat je ‘ganache’ wat dikker wordt. Zo loopt ze straks mooi stroperig over je taart.
  2. Nu snij je je chocoladetaart in 3 lagen. Een tip hierbij is om met je meetlat tandenstokers te prikken. Als je straks met je mes net boven de tandenstokers snijdt, krijg je mooie, gelijke lagen.
  3. Verdeel je opgeklopte slagroom in 3 delen. Leg de onderkant van je taart op een rooster en smeer 1/3 van je slagroom op je taart. Leg je middelste stuk van je taart er op en smeer opnieuw 1/3 van je slagroom open. Met de rest van je slagroom ga je nu als een volleerde stukadoor (of ‘plakker’ in de volksmond) aan de slag. Smeer een laag bovenop de taart, en gebruik de rest om de zijkanten te bedekken (en eventuele gaatjes op te stoppen). Indien je taart wat wankel staat, zet je hem best nu even in de frigo of op een frisse plaats zodat de slagroom wat kan ‘harden’.
  4. Zet je taart (met de rooster) op een bakplaat en giet de chocoladeganache over de taart. Begin in het midden en ga in cirkels meer en meer naar de buitenkant van de taart. Laat de ganache er in dikke druppels van lopen. Indien dit moeilijker gaat, kan je met een paletmes de ganache een beetje ‘begeleiden’. Indien je wil, kan je de ganache nog opvrolijken door wat blekere chocolade te smelten en met een vork in strepen over de ganache te sprenkelen.
  5. Snij de overige Kinder Bueno’s in kleinere stukjes en steek deze in de ganache. Je kan nog extra chocolaatjes gebruiken om de zijkanten te versieren. Laat je vooral volledig gaan!
  6. Zet de taart nadien nog even weg zodat de ganache kan opstijven. Ik verplaatste de taart nadien met twee taartscheppen, een groot paletmes en de ondersteuning van mijn man met baard op een mooie plateau. Smakelijk!!!

Een zekerheid in het leven: rijsttaart

Er zijn zo van die zekerheden in het leven, en voor mij is dat een rijsttaartje! Maar ik denk niet alleen voor mij… Wie is er nu geen rijsttaart-lover?

Wees eerlijk, een rijsttaartje is toch het taartje dat iedereen kiest wanneer je pateekes gaat halen bij de bakker? Je hoort het jezelf zeggen: “Ja, en doe er nog maar zo’n rijsttaartje bij”. Het is een evidentie dat er bij koffietafel toch een rijsttaartje ligt?

Soit, ik vind de zekerheid van een rijsttaartje leuk! En ontelbare keren zelf eentje (of meerdere) gegeten te hebben werd het tijd om ook zelf eens te bakken. Dus ging ik het wereldwijde web tegemoet op zoek naar de ultieme rijsttaart. Daarbij kwam ik het recept tegen van Hap en Tap. Het is een ietwat complexer recept, maar voor wie graag eens bakt zal het zeker niet te moeilijk zijn. Het origineel recept is ook van een patissier, wat mij deed geloven dat het effectief zo zou smaken als bij de bakker. Ik paste het receptje van Hap en Tap een beetje aan, vooral omdat ik een andere taartvorm gebruikte waardoor ik niet 1, niet 2 maar 3 rijsttaarten had 🙂 . Op zich geen probleem, want blijkbaar kan je een rijsttaart met gemak invriezen en later dus ontdooien (en even weer in de oven opwarmen), maar dus hier de aangepaste hoeveelheden en werkwijze.

Benodigdheden voor 1 taart in deze taartvorm (35 x 13 cm)

Banketbakkersroom

  • 125 ml melk
  • 32 gram suiker
  • 1 vanillestok
  • 1 eierdooier
  • 10 gram puddingpoeder

Dessertrijst

  • 150 gram dessertrijst
  • 500 ml melk
  • 125 ml room
  • 1 vanillestok
  • 125 ml kokosmelk
  • (wanneer de rijst nog niet zacht is, kan je extra water toevoegen maar ik heb dat niet gedaan)
  • 2 eieren
  • 100 gram suiker
  • 100 gram banketbakkersroom

Bodem

  • 275 gram bloem
  • 100 gram melk
  • 1 ei
  • 15 gram verse gist
  • 20 gram suiker
  • 75 gram boter
  • 4 gram zout

Werkwijze

Banketbakkersroom

  1. Klop de eierdooier, suiker en vanillepoeder tot een homogene massa (in een kommetje apart).
  2. Verwarm in een pannetje je melk, samen met de suiker en de opgesneden vanillestok. Van zodra de melk kookt, giet je deze bij je eiersuikermengsel en klop je dit eens goed door. Giet de mengeling terug in je pannetje en laat de pudding indikken. Wanneer deze ‘puddingdik’ is, schep je deze op een bord en bedek je deze met vershoudfolie. Zo komt er geen velletje op. Zet de banketbakkersroom aan de kant om af te koelen. Weeg nadien 100 gram af, de rest mag je opeten want dat heb je tot nu verdient 🙂

Dessertrijst

  1. Kook de rijst samen met de melk, room, kokosmelk en opgesneden vanillestok op een zacht vuurtje. Roer voorzichtig tot de rijst zacht is. Reken hier toch wel 40 minuten voor. In deze tijd kan je ondertussen de bodem van je taart maken, afwassen, je restje banketbakkersroom opeten…
  2. Wanneer de rijst klaar is, meng je in een aparte kom je twee eitjes, de 100 gram suiker, 100 gram banketbakkersroom en je rijst. Dit is de vulling van je taart.

Bodem (gistdeegje)

  1. Los de gist op in de lauwe melk.
  2. Kneed voor het deeg alle ingrediënten tot een mooi deegje. Dek het af (vb. met een handdoek) en laat gedurende 30 minuten rijzen op een warme plaats in huis.

Assemblage van de taart

  1. Verwarm je oven voor op 170 graden.
  2. Vet je taartvorm in met een beetje vetstof.
  3. Rol met een deegrol je deeg dun uit en bekleed er de bakvorm mee. Durf deze gerust dun uit te rollen, ik was wat angstig om heel dun te gaan maar het deeg rijst nog in de oven en wordt dus zeker nog een beetje dikker.
  4. Durf de bodem goed tegen de randen te duwen, zo neemt het mooi de vorm van je taartbodem aan. Prik met een vork gaatjes in de bodem van je taart.
  5. Vul de bodem met de afgekoelde rijstvulling. Heb je een beetje over van je vulling? Vul dan wat vuurvaste schoteltjes met de overschot en bak deze even mee met de taart.
  6. Bak de taart in de midden van de oven gedurende 35 tot 40 minuten (hangt wat af van je oven).

Deze taart smaakt echt zoals bij den bakker en ziet er ook zo uit. Ik zou de volgende keer ook proberen om zo’n echt ‘velleke’ van boven op mijn taart te krijgen. Iemand de gouden tip hoe je dit doet? Ik hoorde dat je er wat eigeel kan op strijken, maar ik heb hier geen ervaring mee 🙂

Laat weten hoe het gesmaakt heeft hé!

Frisse kaastaart met frambozen en pistache…

Heb ik al gezegd dat ik een absolute fan ben van Pinterest? Ik hou van de mooie foto’s, vele receptjes en onuitputtelijke bron aan inspiratie! Zo kwam ik tijdens één van mijn avondelijke zwervingen op Pinterest deze prachtige kaastaart met frambozen en pistache tegen… Nadat ik het water in de mond doorgeslikt had pinde ik de afbeelding en nam ik mij voor om deze taart zo snel mogelijk te maken… 1 jaar later stond de taart nog steeds op één van mijn borden. Herkenbaar?

Om te bewijzen dat ik niet alleen recepten verzamel maar deze ook effectief eens maak, maakte ik deze taart voor de verjaardag van onze jongste zoon. En hoewel de taart er prachtig uitziet, viel de smaak wat tegen. Het recept vind ik heel ‘Amerikaans’, en viel heel zoet en vanille-achtig uit. En omdat ik geleerd heb dat het innerlijke belangrijk is… Een aanpassing van het recept!

Om de taart niet zo zwaar een ééntonig te laten smaken koos ik voor een limoenvulling (ik baseer mij hiervoor op het recept van Cuisine Marjorie). Voordeel aan deze vulling is dat je niks moet afbakken, dus geen oven nodig 🙂 De taart moet wel even opstijven, maar je kan deze perfect de avond voor je feestje ’s avonds maken. Het vergt echt niet veel werk!

Ingrediënten

  • 250 gram speculoos
  • 75 gram boter
  • 30 gram pistachenoten
  • 1 pot Philadelphia natuur (300 gram)
  • 5 eetlepels suiker (kaasmengsel) + 50 gram kristalsuiker (coulis)
  • 4,5 blaadjes gelatine (3 voor het kaasmengsel; 1,5 voor de coulis)
  • 250 ml room
  • 0,5 tot 1 limoen of citroen (sap en rasp)
  • 250 gram frambozen (diepvries)
  • Decoratie: verse frambozen, ongeveer 70 gram pistachenoten en kleine marshmallows

Benodigdheden

  • Springvorm met doorsnede 24 of 26 cm
  • Bakpapier
  • Mixer
  • Zeefje

Werkwijze

  1. Leg het bakpapier onderaan je springvorm. Makkelijkst is om de springvorm open te doen doen, bakpapier op je bodem te leggen en zo terug in je vorm te klemmen.
  2. Mix de speculoos en de 30 gram pistachenoten fijn en meng deze met de gesmolten boter. Schep het speculoosmengsel op de bodem van je vorm en druk aan. Zet de vorm weg in de frigo.
  3. Laat 3 gelatineblaadjes weken in koud water. Wanneer deze zacht zijn, knijp ze dan uit en los deze op in zeer weinig gloeiend heet water tot alle velletjes weg zijn (heel belangrijk, anders heb je straks velletjes in je kaastaart).
  4. Meng de kaas, 5 eetlepels suiker en rasp en sap van de limoen/citroen tot 1 geheel. Voeg er ook de opgeloste gelatine bij.
  5. Klop de room op en meng deze onder je kaasmengsel. Giet dit alles in je bakvorm en laat het opstijven in de frigo (minimaal 3 tot 4 uur).
  6. Maak de coulis. Week 1,5 gelatineblaadjes in koud water. Breng 250 gram frambozen (diepvries) samen met 50 gram suiker en 2 eetlepels water aan de kook en laat 5 minuten doorkoken. Zeef de coulis (zonder pitjes is het aangenaam eten). Knijp de gelatineblaadjes uit en voeg deze bij de gezeefde coulis. Laat even afkoelen (mag niet meer gloeiend warm zijn, maar ook nog niet opgesteven) en giet deze in 1 keer op je kaastaart. Laat de taart opnieuw afkoelen in de frigo.
  7. Afwerking: mix 70 gram pistachenoten tot er nog duidelijke brokjes inzitten (niet tot poeder). Neem de kaastaart uit de frigo en ga met een mes langs de zijkant van de taart. Open de springvorm en neem deze van de taart. Neem de gemixte pistachenoten en duw deze beetje bij beetje tegen de zijkant van je taart. Deze blijven normaalgezien plakken in je kaasvulling. De brokjes die je over hebt, kan je op de bovenkant van je taart strooien. Werk af met de verse frambozen en minimarshmallows (of iets anders, laat je creativiteit de vrije loop!).

Voila, een glamourtaart om mee te stoefen en niet moeilijk om te makn 🙂 Geef een seintje wat je er van denkt!

PS: Je kan deze ‘taart’ ook in glaasjes gieten. Met dit recept maak ik ongeveer 12 tot 14 glaasjes. De werkwijze is op dezelfde manier, alleen moet je geen boter in je speculoosvulling toevoegen (anders schept het niet zo makkelijk uit het glaasje).

 

 

Lui brood… Because lazy is the new black!

Brood bakken… Wat hou ik ervan! De geur van versgebakken brood is toch één van de heerlijkste odeurs ter wereld. Het water loopt mij in de mond als ik er aan denk, laat staan dat ik het ruik… Moest er daar een parfum van bestaan, ik kocht mij een levensvoorraad! Vergeet de Axe ‘leather and cookies’, vanaf nu Axe ‘bread and butter’!

Maar het vraagt natuurlijk tijd en werk., brood bakken. Deeg kneden, laten rijzen, nog eens kneden… Zucht… Veel tijd en werk… En dat veel werk zorgt er voor dat ik geen brood (meer) maak.

En toen ontdekte ik ‘lui brood’. Ik vond het op Pinterest en kon niet geloven dat je zelfs niet moet kneden! Dit riep om een probeersel, dus gisteren ging ik aan de slag. Het resultaat was een heerlijk broodje, met een verbazend krokant korstje vanbuiten en heerlijk licht en zacht kruim vanbinnen. Echt, dit was BROOD-heaven! Vanaf nu staat dit elk weekend op ‘den menu’ (als ik zelf niet te lui ben natuurlijk, haha!)

2 belangrijke zaken om op voorhand te weten als je dit ‘lui brood’ wil maken:

  1. je deeg moet ongeveer 12 tot 18 uur rijzen, dus je maakt het deeg best de avond vooraleer je het brood wil eten. Maar dit is dan ook het moeilijkste aan het brood, uitrekenen wanneer je best aan het brood begint. Nadien is het echt ‘peanuts’!
  2. Je bakt het brood in een gietijzeren pot (type van ‘Le Creuset’ en ‘Staub’). Ik heb er zelf een felrode van het merk Pyrex met doorsnede 25 cm en ik gebruik deze wekelijks. Niet alleen zijn ze heel mooi, het is ook heel leuk om lekkere stoofpotjes in te maken!

Ingrediënten:

  • 410 gram gewone witte bloem
  • 350 ml lauw water
  • 2,5 theelepels instant gist (vb. instant gist van Bruggeman, ik koop dit in de Colruyt)
  • 1,5 theelepels keukenzout

Benodigdheden:

  • Houten lepel en grote kom
  • Huishoudfolie
  • Gietijzeren pot
  • Bakpapier

Werkwijze:

  1. Los de instant gist eerst op het lauwe water.
  2. Meng met een houten lepel alle ingrediënten samen in een grote kom tot 1 geheel.
  3. Dek af met huishoudfolie en laat 12 tot 18 uur rijzen op kamertemperatuur (ik deed het een nachtje).
  4. De dag erna verwarm je de oven voor op 230 graden, zet je gietijzeren pot in de oven zodat deze mee kan opwarmen.
  5. Wanneer de oven op temperatuur is, haal je de pot er uit en plaats je bakpapier in de pot (let op dat je je niet verbrandt). Bebloem je handen en neem het deeg uit je Ik gebruik hiervoor een pottenlikker, want het deeg plakt wel een beetje). Maak er een bol van en laat het in de gietijzeren pot vallen. De bol moet ook niet mooi gevormd zijn. Hoe minder mooi, hoe rustieker 🙂 Doe de pot dicht met het deksel en plaats deze terug in de oven.
  6. Bak het brood eerst gedurende 30 minuten in de gesloten pot. Haal nadien het deksel van de pot en bak het brood nog 15 minuten verder zodat de bovenkant kan kleuren.
  7. Na het bakken haal je het brood uit de pot en laat je het afkoelen op een rooster.

Ik vind dit brood het lekkerst wanneer het nog niet helemaal afgekoeld is, in dikke sneden en met lekkere boerenboter dat zachtjes smelt en een snuifje zout… Heerlijk!

Laat je weten hoe jouw brood gelukt is?

Hazelnootsprits met chocolade… That’s the way the cookie crumbles!

Laat het geweten zijn… Ik hou van koekjes! In alle vormen, maten, grootte, dikte, met of zonder chocolade… In hun kleine gedaante slagen ze er in om een gewone koffie om te toveren tot een moment waar je met liefde veel pauze voor neemt…

Vooraleer ik te poëtisch word, wil ik graag met jullie mijn eerste eigen aangepaste receptje delen. Aangepast, inderdaad. Ik ben zo’n kok die ENORM veel ingrediënten in huis heeft (mijn man met baard kan het bevestigen, ik heb zowaar 15 kilo bloem in de kelder staan…). Maar, ik slaag er toch altijd in om één ingrediënt tekort te komen. En laat dat toch altijd het ingrediënt zijn die je recept bepaalt. En ja, ik merk dit meestal maar op wanneer alles klaar en afgewogen staat…

Nu, flexibel zoals we zijn zoeken we naar oplossingen. Zo ook bij dit recept. Het origineel schrijft voor dat je ‘praliné’ gebruikt, een pasta gemaakt op basis van gekarameliseerde noten. Een heerlijkheid, laat dat duidelijk zijn, maar dus niet te vinden in mijn keukenkasten. Na een vijftal minuten van intens gevloek werd besloten om de praliné te vervangen door gemixte hazelnoten. En wat bleek? Het werd een fijn, delicaat koekje met een fijne nootsmaak. Niet zo aanwezig als de praliné, maar dit werd meer dan ooit goed gemaakt door de chocoladekant te drukken in gehakte hazelnoten.

Ingrediënten (goed voor 35 tot 40 koekjes)

  • 150 gram malse boter (op kamertemperatuur, dat helpt om de koekjes makkelijker te spuiten)
  • 110 gram bloemsuiker
  • 75 gram gemalen geroosterde hazelnoten (lekker fijn, bijna poeder) (Tip: je kan dit kopen in de Aveve)
  • 2 eieren
  • 250 gram gewone bloem
  • Als decoratie: ongeveer 100 gram zwarte chocolade en ongeveer 100 gram iets minder fijn gemalen hazelnoten

Materiaal

  • Mixer
  • Spuitzak met gekarteld spuitmondje nummer 10 (of een ander, wat je maar voor handen hebt).

Werkwijze

  1. Verwarm de oven voor op 200 graden.
  2. Mix de geroosterde hazelnoten tot ze bijna poederachtig lijken.
  3. Meng de boter samen met de bloemsuiker. Meng hieronder de fijngemalen geroosterde hazelnoten.
  4. Meng er geleidelijk aan de eieren onder.
  5. Voeg als laatste de bloem toe tot een mooi geheel.
  6. Neem een spuitzak en vul deze met het deeg. Spuit op een bakplaat met bakpapier mooie rondjes. Indien je je niet zeker genoeg voelt om vormen te spuiten, kan je het deeg ook in kleine balletjes rollen en neerduwen op de bakplaat. Even lekker en op het einde ook even mooi.
  7. Bak de koekjes gedurende 10 tot 15 minuten af in de voorverwarmde oven.

Afwerking

  1. Smelt de donkere chocolade in de microgolf (een half minuutje per keer, en tussendoor eens roeren en proeven)
  2. Mix de rest van je hazelnoten, maar niet zo fijn als de eerste keer. Je wil dat er nog duidelijke brokjes inzitten.
  3. Neem een koekje, druk het voor de helft in de chocolade en duw de chocoladekant dan in de gemixte nootjes. Leg de koekjes terug op de bakplaat zodat de chocolade kan opstijven.

Zo, laat het zeker smaken en geef een seintje wat je van het recept vindt! Ik ben heel benieuwd!

Zie de maan schijnt door de bomen…

Oké, ik waag mij eens aan iets nieuws! Voor het eerst in m’n leven begin ik een blog. Ik wou dit eigenlijk al langer. Maar vanuit het idee dat ik eigenlijk niet veel nuttigs bij te brengen heb aan het wereldwijde web, deed ik dit dus niet…

Maar kijk, een mens moet soms eens durven springen, dus bij deze… IK SPRING! Een blog over bakken, prutsen, proberen, mislukken… Kortom, alle successen en mislukkingen zal ik hier delen. Dit vooral omdat ik zelf in mijn zoektochten het meeste heb aan mensen hun eerlijke, ongezouten (of net wel… Mmmm, lekker!) ervaringen!

En hier dus mijn eerste ervaring: en een hele leuke om te starten! Ik hou van deze periode van ’t jaar… Vanaf midden november wordt het donker, koud, regenachtig,… Maar tegelijkertijd ook kaarsjes, dekens, warme chocomelk. En vooral… ‘Dag Sinterklaasje’ terug op televisie, voor het eerst met onze oudste zoon kijken naar de intrede van de goedheilige man (met mond open, och wat is dat genieten!)

En hoe je het ook draait of keert, bij deze periode horen ook hopen en hopen… KLAASKOEKEN! Ik kan ze op elk moment van de dag eten, maar nog nooit was ik er in geslaagd om ze te maken als bij de bakker… De zoektocht naar het ideale recept OF het geheime ingrediënt startte.

Na wat zoekwerk op Google en mijn favoriete website ‘Pinterest’ besloot ik het recept van Baksels te testen. De comments die er bij staan gaven mij wel vertrouwen dat dit receptje wel kon werken, dus ging ik aan de slag (voor het receptje verwijs ik graag door naar de website van Baksels, ere wie ere toekomt natuurlijk hé!).

Conclusie: Wat een zalige klaaskoeken! Met het typische ‘voetje’ (zo’n krokant randje onderaan de klaaskoek… Heerlijk!), heerlijk luchtig en vooral zo verslavend kunnen deze echt naast diegene van de warme bakker liggen! Wel enkele tips die je best in rekening brengt:

  • Durf je deeg lang genoeg te mengen! Hoe meer mengen, hoe meer de gluten kunnen binden (of zo iets)! Dus… Work those muscles baby!
  • Ik gebruikte een deegsteker in de vorm van Sinterklaas. Hij is ongeveer 15 cm hoog (zie foto), maar hou er rekening mee dat het deeg nog ENORM rijst in de oven. Ik had op het einde 3 Siamese Sinterklazen, die ik vakkundig gescheiden heb 🙂
  • Bij het instrijken met eigeel ben je best voorzichtig. Na de tweede rijs zit er heel veel lucht in de Klaaskoeken, en die wil je liever niet verliezen door er een klodder eigeel op te zwieren 🙂
  • Ik haalde uit 1 deeg 6 Sinterklazen en 4 kleinere bolletjes. Lijkt misschien weinig, maar ik maakte het recept voor 4 volwassenen en 3 kindjes en wij hadden meer dan voldoende.

Voila, den eerste blog is een feit! Laat je mij zeker weten wat je er van vindt?

Create a website or blog at WordPress.com

Omhoog ↑